Liesje Smolders

Sculptuur ontmoet theater bij Liesje Smolders. Deel 1

tekst drs. Sya van 't Vlie

Liesje Smolders (1952, Nijmegen) is gefascineerd door huid. Het boeiende is dat haar fascinatie voor huid resulteert in een gerichtheid op het 'buitenhuidse' van zowel haar beelden als van de discipline sculptuur. Onder het buitenhuidse van het beeld versta ik de directe omgeving van het beeld, inclusief de kijker; met het buitenhuidse van de discipline sculptuur bedoel ik het randgebied van de sculptuur, het gebied waar mengvormen met andere kunstdisciplines ontstaan.



Download Sculptuur ontmoet theater bij Liesje Smolders in word.doc opmaak (32Kb).


Theaterbeeld – autonome sculptuur


Liesje is begonnen als ontwerper van decors en kostuums. Geïnspireerd door theater voelde ze de drang autonome beelden te maken. Daarom volgde ze de opleiding Beeldhouwen aan de Amsterdamse Gerrit Rietveld Academie. Ze maakt veelal houten beelden, installaties en locatiegebonden projecten. Ze is nog steeds betrokken bij theater. Bovendien treedt ze regelmatig op in performances, waarin haar eigen beelden fungeren als attribuut. Daardoor balanceren sommige van haar beelden op de grens van theatergebonden en autonome beelden.
Dat balanceren op de grens van sculptuur en theater verhevigde in 1987 toen Liesje voor de voorstelling ‘Turandot’ van het openluchttheater in het Amsterdamse Bos de decors realiseerde. Dit project was voor haar het bewijs dat drama en beeldende kunst juist vanuit een autonoom standpunt prima kunnen samengaan. Ze ontwierp vijf objecten die personages verbeelden. De schilvormige beelden vervaardigd uit hout, baksteen, ijzer, rood koper en steengaas vormden het eerste (buitenste) kostuum van de spelers en drukten de kern van hun personage uit. Liesje benadrukt de autonomiteit van deze 'theaterbeelden'. Hoewel ze bedoeld waren voor een theatrale aanvulling door een acteur, waren ze voor wandelaars in het bos die de voorstelling niet konden bijwonen, ook als sculptuur het bekijken waard.
In Melopee (1996) doet Liesje het omgekeerde: het is een autonome sculptuur die zich leent om gebruikt te worden in een performance. Melopee bestaat uit twee ‘ligbeelden’. Hun buitenvorm heeft iets van een kano. Hun binnenvorm is een uitgeholde mensfiguur. Daarin liggend is de aanraking tussen mens en kunstwerk optimaal. De ligbeelden zijn een verdere uitwerking van de 'eerste kostuum beelden'. De ene negatiefvorm is die van een man, de andere die van een vrouw. Liesje heeft de stam van de kastanjeboom zelf gekliefd en ‘op maat’ – van haarzelf en haar geliefde – uitgehakt, om liggend in te deinen op de maat van het gelijknamige gedicht van Paul van Ostaijen.












Huid van autonoom werk


De autonome houten sculpturen van Liesje zijn veelal figuratief en bevatten meerdere betekenislagen; ze bieden ruimte voor meerdere associaties. Vaak gaan ze over communicatie (het verlangen naar en het onvermogen tot), de overgang naar een nieuwe fase en het verlangen naar geborgenheid. Dat laatste is ook af te lezen aan de afwerking: het hout moet, zeker bij de figuratieve beelden, aanvoelen als huid. Dat leidde ertoe dat aanraken een belangrijk thema kon worden. De houten borsten waarbij je als kijker de drang voelt ze te willen strelen, en Portret, de houten voet die je als kijker wilt aanpassen, zijn voorbeelden van aanraakbare beelden waarbij dat aanvoelen als huid is gekoppeld aan het onderwerp. Verwant met de laatste twee is ook de wandinstallatie van rompertjes met latex borsten die de veelzeggende titel Just below my skin I'm screaming heeft. 'Huid is een thema vol tegenpolen. Huid is het grootste en het kwetsbaarste zintuig. Huid biedt bescherming, maar is ook afscherming, een masker. Huidcontact is zowel strelen als slaan. Huid is sensueel en erotisch geladen. Hout moet voelen als huid.' Dat gaat helemaal op voor haar 'jongens', een serie penissen die ze vanwege de 'hypocriete verwikkelingen' rondom het nationale monument van Hanshan Roebers in het voorjaar van 2006 voor het eerst heeft getoond in bij galerie Wit in Wageningen. 'Weten jullie dan werkelijk niet hoe een fallus er uit ziet? Het mannelijk vitale, vol leven en lust, stijf en fier, maar ook bijna ingeslikt en kwetsbaar.' De serie verwijst naar het meest intieme huidcontact dat er bestaat. Na zich tot voor kort voornamelijk gericht te hebben op de vrouw, noemt Liesje haar nieuwe project een ontdekkingsreis. 'De stap om in hout te gaan zoeken naar wie jij bent, de essentie, de herinneringen en het verlangen. De ziel van de mannelijke drijfveer. De spiegel voor mijzelf.' 'Aangrijpend', zegt Herman Vuijsje, man, over Everything is holy: 'Een penis die niet goed weet waar ie met zichzelf naar toe moet uit verlegenheid. Een aandoenlijke piemel die zich met zijn houding geen raad weet.'
Liesje maakt ook beelden van paraffine, want 'paraffine is het meest verwant met huid'. In 1995-96 maakte ze de rondreizende installatie Via Maria. Zeven paraffine Maria's transformeerden al naar gelang ze verder inbrandden van madonna's (in de voormalige Mariakapel te Hoorn), tot reiziger (op het station van Antwerpen, tot publieke vrouw (langs de Oude Delft).

top















top